Column

Koopmansgeest

Koopmansgeest
Geschreven door Leonieke van Lindert

In de Gouden Eeuw heeft Nederland zich wereldwijd op de kaart gezet door zijn enorme handelsgeest. Ons land, en met name Amsterdam, werd in die periode een stapelmarkt waar handelaren producten van over de hele wereld naartoe vervoerden, opsloegen, doorvoeren of verkochten. Nederlandse handelaren zijn in die tijd, en de jaren daarna, stinkend rijk geworden, maar aan het overgrote deel van de bevolking ging deze weelde voorbij.

 

Er is niet veel veranderd sinds de Gouden Eeuw. Nederland is nog steeds een stapelmarkt, en de handels- ofwel koopmansgeest is nog net zo sterk als in 1650. Anno nu vinden we vooral onder onze politici en wetenschappers bevlogen handelaars.

Daarbij denk ik uiteraard aan de handel en wandel Hugo de Jonge. De voormalige gezondheidsminister zag kansen en mogelijkheden om ons land, enkele mondkapjes- en farma-ondernemers en zichzelf op de kaart te zetten. En ik denk, u raadt het al, aan Marion Koopmans in haar hoedanigheid van hoogleraar Virologie. Nog meer dan politici hebben hoogleraren de handelaren van weleer vervangen, en Marion Koopmans is daar een fraai voorbeeld van.

Nu hoor ik u denken dat Koopmans niet hetzelfde is als koopman. Tussen Koopmans en koopman zit een letter verschil. De S, om precies te zijn.

Dat had ikzelf natuurlijk ook al geconstateerd, en ik heb uitgevonden waardoor dat komt. Marion Koopmans is, zo vernam ik, professioneel goed bevriend met onze minister van VWS, en heeft waarschijnlijk al in een vroeg stadium een verbindingsstuk mogen uitzoeken in diens goed geoutilleerde gereedschapskist.

Een S-bocht, om precies te zijn. Die ligt doorgaans naast het T-stuk in de gereedschapskist van onze minister van VWS. S-bochten koppelen zaken aan elkaar die strikt genomen niet in elkaars verlengde liggen, zo weet ook Marion.

In de Gouden Eeuw trotseerden handelaren grote gevaren om hun expansiedrift te bevredigen, en nieuwe horizonten te verkennen. Zo dapper en stoer is onze Marion ook. Onlangs riskeerde zij haar leven door in het verre Oosten een markt te bezoeken. Een versmarkt, voor de fijnslijpers onder u. Dat zijn de gevaarlijkste markten van allemaal. Op gewone markten zijn de handelswaren levenloos, maar op versmarkten vliegen ze de kopers aan. Kunt u nagaan hoeveel lef Marion heeft.

Hoewel een killervirus over de wereld trok, durfde zij het aan om in een afgesloten vliegtuig haar landgenoten, die amper nog naar buiten mochten en in hun reisvrijheid beperkt waren, te verlaten. Voor het goede doel natuurlijk. De hele wereld zou van haar observaties en bevindingen de vruchten plukken.

Met eigen ogen wilde onze Marion zien of – en zo ja: hoe – het mogelijk was dat een virus vanuit deze markt had kunnen ontsnappen en zich over de ganse aardkloot heeft kunnen verspreiden. Een virus dat, geheel op eigen houtje, met succes een keur van stapelmarkten traceert en weet te bereiken, dat is wel even wat anders dan het met veel mankracht verspreiden en verhandelen van goederen.

Net zoals u en ik zat Marion vol vragen. Zou iemand het virus een handje hebben geholpen bij zijn ontsnapping? Was het verspreid en verhandeld? Was er met het virus geld te verdienen? Creëerde het virus de mogelijkheid om moderne stapelmarkten vol spuiten, vaccins, tests en mondkapjes de grond uit te stampen? Zou er ook nu weer door wereldwijde handel in en door het virus een selecte groep mensen heel rijk kunnen worden?

Wel, die vragen zijn inmiddels beantwoord.

De Verenigde Oost-Indische Compagnie of VOC, de scheepvaartcompagnie uit de Gouden Eeuw, lijkt terug van weggeweest. In een nieuw jasje, zoiets als de ‘andere jas’ waaraan Jaap van Dissel eerder al refereerde toen hij het verschil tussen virusvarianten uitlegde. De moderne VOC staat voor Vaccinatie, Oplichting & Corruptie. Of om het wat vriendelijker te zeggen voor Vaccinatie, Onwaarheden & Chaos. Aan u de keuzevrijheid.

Ondertussen heeft Marion alweer nieuwe handelswaar ontdekt. Niet in het Oosten, maar in Afrika. Wellicht dat Marion nu met haar handelsmissie naar Afrika zal afreizen. Met een vliegtuig van de KLM, waarschijnlijk. Dan weet ze in ieder geval zeker dat er, dankzij directeuren die dreigen met prikkels en prikken, een piloot in de cockpit zit met een optimale gezondheid. Zo weet Marion vrijwel zeker dat haar vliegtuig niet zal neerstorten doordat de bestuurders van het vehikel tijdens hun vlucht aan Covid zullen overlijden. Ze zal veilig voet kunnen zetten op Afrikaanse bodem, waar ze met haar crew ongetwijfeld weer een markt zal bezoeken.

Wat ze daar zal aantreffen is niet zeker, behalve dan dat het varianten op het eerste Covidthema betreft. Dat klinkt een beetje afgekloven, maar dat is het natuurlijk niet. Marion sluit namelijk niet uit dat deze nieuwe varianten, ‘nòg besmettelijker’ zullen zijn.

Als een koopman als Koopmans zoiets zegt, betekent dat dat er nog meer handel op komst is en dat zij nieuwe markten gaat aanboren. Ze is er in ieder geval als de besmette kippen bij. Een koopman als Koopmans weet heel goed dat het beste moment om een gehypet product te verkopen het moment is voordat het waardeloos wordt.

 

Over de auteur

Leonieke van Lindert

Leonieke van Lindert heeft een (notarieel-)juridische achtergrond, en bekleedt een juridische functie. Ze was geruime tijd actief binnen de farmaceutische industrie, en werkte als docent Nederlands. Sinds het uitbreken van de coronapandemie schrijft ze columns.